Nee, ik ga het niet hebben over de zonsverduistering: we hebben er amper iets van opgemerkt (enkel dat het even wat donkerder werd en dat de blaffende honden in de buurt ineens zwegen, net zoals de vogels).
We hebben vandaag nog een kleine boodschap gedaan en daarna reden we even rond in de mooie Waalse dorpjes in de buurt. En ik herinnerde me een vaak terugkerende discussie tussen mijn moeder Nany en mij (onlangs herlas ik daar nog een versie van in mijn dagboek van 1984).
We woonden vroeger een hele tijd in een villawijk van 's Gravenwezel. Ik woonde daar vrij graag (al verkoos ik ons heel kleine vorige huis omringd door bossen) maar ik beweerde altijd dat een villawijk eigenlijk de natuur kapot maakt. Dat ik eigenlijk liever op "de echte buiten" zou wonen: in een dorp omringd door bossen of weiden waarin ik zou kunnen gaan wandelen. Waarop Nany steevast antwoordde dat wandelen in een villawijk veel aangenamer is omdat je er kunt genieten van het zicht en het parfum van mooi onderhouden hagen en tuinen. Terwijl je op de "echte buiten" vooral kon genieten van "mestgeur"!
Op dat gebied bleven we het oneens zijn en, terwijl we daarstraks door die mooie dorpjes reden - nee, ik rook geen mest -, bedacht ik dat Nany waarschijnlijk toen dacht aan haar geboortedorp Hoksem (waar ik ook zo graag vertoefde, ondanks de frequente mestgeur).
