maandag 25 juni 2012

Vaarwel Spanje

25 juni 2012

Ik heb er niet te veel willen over zeveren tijdens deze reis, omdat ik het er vorige jaren al zo vaak over had. Maar ik kan echt geen afscheid nemen van Spanje (wie weet voor hoe lang, als Roger het inderdaad te vermoeiend zou vinden om op deze manier rond te toeren, en wie weet in welke luxueuze omstandigheden die ons niet echt aanstaan als het later toch nog eens lukt?) zonder nog even terug te denken aan wat mij zo aantrekt hier. Sorry, foutje: we zitten nu in Frankrijk, en het is dus al niet meer “hier”.

Het is zo dat delen van Spanje me in gedachten terugvoeren naar mijn kinderjaren in Congo. Vooral in Aragon en in Extremadura krijg ik dat gevoel.

Ik weet dat ik het land waar ik mijn kinderjaren doorbracht nooit zal weerzien, maar daar (Aragon, Extremadura) heb ik soms de indruk dat ik er weer ben. En eigenaardig genoeg nog het meeste als ik het niet meer kan uithouden van de hitte. Net zoals in Matadi dus, waar ik als kind constant last had van de warmte.

Maar waar ik zo graag was!

Naar Souillac

25 juni 2012

We zijn deze ochtend vertrokken na een babbeltje met onze Vlaamse buren. Ze zijn van Diksmuide, kwamen van Valencia, waar geen plek meer vrij was omwille van de “Grand Prix”. Ze hebben een hotelletje moeten nemen in een naburig dorp.

We reden dus richting Barbastro.  Roger had Eva, onze GPS dus, ingesteld op Souillac in Frankrijk en ze voerde ons naar de tunnel van Vielha. Hoe lang is het wel geleden dat we die weg volgden? Ik schat zeker meer dan 20 jaar!

Na een klein uurtje rijden zagen we voor ons al de Pyreneeën en reden we later zelf tussen roze en grijze rotsige bergketens. Diepe kloven, rotswanden die leken op bladerdeeg, en de bijna droge Noguera Ribagorcana naast de weg. Dan klommen we nog hoger en samen met de Noguera baanden we ons een weg tussen verticale rotsen. Nog een uurtje later reden we Catalonië binnen, maar we zijn nog een paar keer in Aragon terechtgekomen, door de grillige loop van de rivier die we volgden. Even werd het landschap iets groener, we passeerden een turkoois stuwmeer, de afslag naar La Pobla de Segur (herinner je, “kindjes”!), het landschap werd weer ruwer, op de bergtoppen ontwaarden we nog sneeuw en bergriviertjes tekenden witte strepen in al dat grijs, roos en groen.

De meer dan 5 km lange tunnel de Vielha leek verbreed en gemoderniseerd: vroeger was die gewoon uitgehouwen in de rots.

In Bossost, na Vielha, stelde Roger voor een plato combinado te eten in een bar. Weer namen we slechts een plato voor ons beiden en kregen er twee bestekken bij.
Vlak daarna reden we Frankrijk binnen, waar we al gauw met een douanecontrole geconfronteerd werden. Onthecht zoals wij zijn van materiële zaken :-), moesten we niets aangeven dat argwaan wekte, tenzij misschien onze Oloroso. Ze vroegen ons: ‘Geen alcohol?’ En ik, spontaan, op z’n Frans: ‘Nee!’, want wijn is in Frankrijk “geen alcohol”, wel een gewone drank of zelfs een geneesmiddel. Roger verbeterde me: ‘Wel een tiental flessen wijn van Jerez’. In feite zijn het er een stuk of veertien plus drie flessen Malaga, maar kom, dat kan inderdaad doorgaan voor een tiental. Dat was oké. ‘Zie je wel,’ zei ik tegen Roger toen we eindelijk mochten doorrijden, ‘wijn is in Frankrijk geen alcohol!’.

Nu bleef het landschap opvallend groener dan aan de Spaanse kant van de Pyreneeën. En ineens geen roofvogels of ooievaars meer. Ook geen vrachtwagenchauffeurs meer die knipperen als ze achten dat je ze kunt inhalen op een smalle weg. Alles leek ineens zachter en toch minder ridderlijk. De péages volgden elkaar wel weer op: ongelooflijk hoeveel geld je daaraan spendeert!

Vlak voor Toulouse lazen we een waarschuwing voor “bouchons” tijdens het spitsuur, en ja hoor, we hadden het zitten. Het ging vrij – soms zelfs heel - traag tot voorbij Cahors.

We volgden nog de vallei van de Lot, van de Dordogne (en daar werd het iets rotsachtiger) en om kwart over 19 uur kwamen we aan op de camping van Souillac, van de Flower-campingketen. We zijn hier al zeker een keer geweest, maar ik weet echt niet meer wanneer.  Ik heb het ondertussen even opgezocht: twee keer in 2010.

Na onze installatie wilden we iets gaan eten in het stadje, maar geen van de menu’s of gerechten inspireerde ons echt. Op de camping kon je pizza’s kopen, en dat hebben we dan ook maar gedaan. Ze waren lekker, maar weer heb ik maar een vierde van mijn pizza op gekregen.

We hadden, dachten we, een idyllisch plekje gevonden, tussen vier populieren, met veel ruimte en vinken en weinig buren. Helaas, ook vol muggen: ik ben al zeker 10 keer gestoken!

Opvoeding

25 juni 2012

Ik vergat het te vertellen: op verschillende plekken in Huesca zag je “opvoedende” affiches. Daarop prijkte een kind dat de voorbijganger zogezegd allerlei zaken verweet (‘Ben jij het die dat peukje op de grond hebt gesmeten?’; ‘Waarom respecteer je het straatmeubilair niet?’ enzovoort) of bedankte (‘Bedankt dat je hebt opgeraapt wat jouw hond heeft achtergelaten in het park’ bijvoorbeeld).

Het is waarschijnlijk goed bedoeld, maar ik hield er niet van. Zo betuttelend!

zondag 24 juni 2012

Naar de Salto de Roldan

Tijdens onze brunch deze ochtend kwam er een hele groep Fransen aan, met een soort quads. Wij bespraken wat we zouden doen. Eerst wilde ik nog eens naar de historische stad wandelen, maar de hitte deed me gauw van idee veranderen. Rond 11 uur liep de temperatuur al tegen de 30°C. Roger stelde voor nog eens naar de Salto de Roldan te rijden. Ik vond dat een goed idee (in de auto is het frisser) als hij tenminste weer geen poging deed om de rots te beklimmen.

P6242331 Foto Roger

We reden dus richting Santa Eulalia de la Peña, door de Hoya waarboven weer gieren vlogen.

P6242314 

P6242315 Foto’s Roger (op de tweede foto de Salto de Roldan)

Daarna klom de weg al slingerend een berg op tot aan het mooie stadje Apies. Daar zijn we even uitgestapt. De hoogte en een zacht briesje maakten de temperatuur draaglijk. We wandelden er even rond en zagen dat binnenkort de televisie er opnames zou komen maken.

P6242322

P6242317

P6242318

P6242319

P6242324 Foto’s Roger

Na Apies reden we weer de parque nacional de Guara binnen, en klommen we nog hoger. De weg werd nog smaller, naast ons duizelingwekkende dieptes (wat een geluk dat ik geen hoogtevrees heb in de auto) en aan een splitsing tussen de weg naar Santa Eulalia en die naar de Salto besloten we eerst naar de Salto de Roldan te gaan. De baan werd zo mogelijk nog smaller. Ik had net (zoals vorige keer) aan Roger gevraagd wat we moesten doen als er een tegenligger kwam toen er inderdaad een opdook. Gelukkig was het een buggy die gemakkelijker dan wij tot bijna tegen de rotsen kon uitwijken. En dan kwamen we daarboven aan. Weer diezelfde rust, die gieren, dat bijzonder serene gevoel. We hebben heel even gewandeld, maar al was het daar minder warm dan de laatste keer,  ik vond het toch nog te heet.

P6242328

P6242329 Foto’s Roger

Daarna keerden we terug naar Santa Eulalia. Daar waren we ook ooit geweest, maar nu bleek de toegang tot het dorp afgesloten met een hek. We vonden wel een andere toegang. Enkele bewoonde of verlaten huizen, waar soms aan gewerkt werd, en enkele mensen die ons raar bekeken. We vroegen ons af of het dorp niet opgekocht was geweest door particulieren en of we ons dus op privé terrein bevonden. Het was er vreselijk warm.

P6242333

P6242334 Foto’s Roger

Dan zijn we terug naar Huesca gereden, waar we even rustten en daarna een biertje gingen drinken in de calle de Galicia. Ik had het echt te warm… en dat bleek met reden: we zagen op een thermometer dat het 35°C in de schaduw was. Roger heeft de gewoonte veel mensen die we zien een naam te geven. Weldra zagen we tussen het volk dat aangeslenterd kwam, degene die hij gisteren “Quasimodo” had gedoopt. Een heel mismaakte man: bult, graatmager, zakkend door zijn benen, vooruitstekende kin en neus en en vals bovengebit dat loskwam als hij sprak. Een heel gerimpeld gezicht en toch is zijn leeftijd niet te schatten. Het kan even goed 40 als 70 jaar zijn. Ik kreeg wel de indruk dat hij geliefd is.

In het terugkomen naar de camping (deels in de schaduw van het park, maar daarna weer heet, heet!) zagen we in een Chinees restaurant  een menu dat ons aanstond. Daar zouden we deze avond gaan eten. Misschien een beetje gek, maar we hadden er zin in.
Eerst nog een biertje op een ander terras, want het restaurant zou pas rond 20 uur opengaan. Om 20:30 was het echter nog niet open, en wij gaven het op. Aten weer eens bij de tent, waar we bleken nieuwe buren gekregen te hebben… Vlamingen! Nu moeten we dus op onze woorden passen! :-)

zaterdag 23 juni 2012

Almudévar

23 juni 2012

Deze ochtend reden we richting Zaragoza, niet langs de snelweg maar via de gewone weg in de Hoya de Huesca.

In het stadje Almudévar hielden we halt. We klommen meteen tot het hoogste punt, waar zich een kerk van de 12de eeuw bevindt, palend aan de resten van een Arabisch kasteel.   Roger maakte enkele foto’s en ik zag, buiten de ontelbare zwaluwen, een zwarte ooievaar voorbijvliegen. Die zie je niet vaak.

P6232304

P6232302

P6232297 Foto’s Roger

Van daarboven kreeg je ook een mooi overzicht van het dorp waar de mensen begonnen op straat te komen. We zagen een heel oude vrouw, helemaal krom, steunend op een stok, moeizaam  en traag lopen. Ging ze het brood voor haar middagmaal kopen?

P6232296

P6232300 Foto’s Roger

Achter de kerk bevond zich een mirador met een prachtig uitzicht op de Hoya. Eigenaardig genoeg kwamen op die mirador een paar schouwen en verluchtingspijpen uit. Toen we weer naar beneden gingen, merkten we dat onder die mirador een paar half ondergrondse huizen stonden.

P6232303  Foto Roger

Er stond ook een huis met dezelfde “troncoconica” schouw als de huizen in Catalañazor. Alleen was de basis van deze schouw veel minder breed dan daar.

Uiteraard gingen we iets drinken op de geanimeerde Plaza de España. Iedereen leek daar op de paar terrasjes samen te komen. Net zoals de anderen gingen we een biertje halen in de (donkere) bar en kwamen het buiten opdrinken (op die manier betaal je de barprijs). In de bars zelf zit bijna niemand meer: veel Spanjaarden zijn rokers. Ik vraag me echter af hoe ze dat oplossen in de winter.

Daarna kwamen we terug naar Huesca. Ik ontmoette weer de jonge Engelsman en maakte een praatje met hem. Hij is leraar en geeft een taalbad Engels aan studenten van de universiteit. Voor twee weken was hij ook in Sevilla en toen was het er echt te heet: rond de 40°C!

De temperatuur die tot dan zeer aangenaam was geweest, liep hier weer naar de 33°C. Wij vonden echter verkoeling in de Mercadona: het was immers tijd om onze provisie droge Oloroso in te doen… en Horchata. We hebben dus aan jou gedacht, Zeger! Wees niet jaloers, andere “kindjes”: we hebben voldoende flessen gekocht.

In Sevilla had ik uitgekeken naar Horchata in de bars, maar ik heb er geen gevonden, althans geen granizado. Zou dat minder gedronken worden tegenwoordig?

Na onze zoektocht (vermits onze vertrouwde Mercadona te weinig in voorraad had, hebben we moeten zoeken naar een andere Mercadona – er zijn er verschillende in de stad) gingen we nog eens iets drinken in de calle de Galicia (en mensen bekijken). Vanop het mooie plein aan de andere kant van de Soto dat we enkele jaren geleden hadden ontdekt, was vreselijk luide muziek te horen. Was er een foor? We zijn niet gaan kijken.

Het terras zat vol. Mensen met kinderen, vrouwen met hun moeder, eenzame vrouwen, oude mannen, koppels. Het leek weer of de  hele stad op stap was. Typisch is dat vlak voor het avondmaal.

Wij hebben weer eens bij de tent gegeten. En op dit ogenblik komt er veel lawaai, geroep en gejuich uit de bar van de camping. Mensen zijn naar ik weet niet welke voetbalmatch aan het kijken. Ongelooflijk hoe ze daar in opgaan! Ik heb dat nooit begrepen.

vrijdag 22 juni 2012

Over de camping van Huesca

22 juni 2012

Na mijn vorige post heb ik de netbook aan Roger gegeven zodat hij online kon, en heb zelf verder zitten lezen. Nu ik  weer even de pc voor mij heb, wilde ik eerst mails  beantwoorden, maar ik heb me bedacht. Lieve vrienden, antwoord komt dus morgen.

Ik wil het liever even hebben over deze camping.

De eerste keer dat we hier waren, stond hij mij echt niet aan. Alles leek versleten: de tegels in het sanitair leken te dansen, sommige wc’s gingen niet op slot, de douches hadden geen warm water en werden afgesloten door amper een gordijn. En afwassen moest je in wat een hol leek. En de uitbaatster was niet echt vriendelijk.

En toch kwamen we hier telkens terug. Een groot voordeel is dat we te voet boodschappen kunnen doen en de stad inlopen… En dat de omgeving zo mooi is.

En na enkele jaren bleek dit een van de weinige campings waar we overal verbinding kregen met het Internet. De toiletten zijn nog even oud, maar er zijn nieuwe sloten (al zijn de vroegere, volgens goede Spaanse gewoonte, niet weggehaald).  De douches worden nog steeds slechts door een gordijn afgesloten, maar ik zie wel dat niemand een gordijn opentrekt van een in gebruik zijnde douche.

Nu is er warm water (en dat gebruikte ook de zigeunerin die ik gisteren hoorde zingen bij het wassen – want het was geen “Spaanse dame” die me onze vroegere reizen herinnerde, wel een zigeunervrouw, ondanks haar blonde haar) en een wasmachine (die de zigeunerin blijkbaar liever niet gebruikte).

En toch houdt de camping iets primitiefs over zich. Is het dat wat ons aantrekt? Of de percelen die vrij ruim zijn naar Spaanse maatstaven?

Is het van dat alles dat onze Duitse buur (die onze begroeting  nooit heeft beantwoord en die nooit van de camping lijkt weg te gaan)  geniet?

En nog even over de camping zelf….  Ook de uitbaatster is vriendelijker geworden met de jaren!

Uitstapje in de Hoya de Huesca

22 juni 2012

Toen Roger wakker werd, stelde hij een uitstapje voor. We zouden richting Ayerbe rijden en afslaan naar Ortilla. Daarna zouden we wel zien.
De temperatuur was niet meer zo zalig: 32°C. Normaal dat die Spanjaarden pas na 17 uur weer actief worden. Wij echter vertrokken al om iets over 16 uur.
Al gauw zagen we, rijdend door de hoya, in de verte de Salto de Roldan. Boven de bergen die de enorme vlakte omzomen hingen enkele witte wolken en boven de tarwevelden trilde de lucht in de vlakke zon.

Iets verder dan Esquedan reden we een zijweg in die ons bracht naar Lupiñen. Kerk van de 12de eeuw met de nodige ooievaars, alle luiken nog dicht.

P6222279

P6222281

IMG_1527

IMG_1528 Foto’s Roger

Van daar reden we verder naar Ortilla. De luiken van de huizen waren nog steeds dicht en boven het dorp cirkelden 5 gieren.

IMG_1529 

P6222284

P6222285 Foto’s Roger

Aan de overkant van het dorpje reden we een onverharde weg in die ons voerde langs tarwevelden en rotsen. In zo’n  geoogst veld stond een herder met zijn schapen.

IMG_1533 Foto Roger

Ik heb vaak gedroomd van zulke job: een hele dag in m’n eentje doorbrengen, met alleen mijn dieren, en kunnen denken en mijmeren. Nu echter bracht het tafereel mij niet aan het dromen. Dat betekent immers ook de hele dag in de hitte doorbrengen!

Iets verder reden we langs enkele verlaten gebouwtjes, iets wat weer leek op een verlaten station (met daarnaast een wijngaard)en zelfs een verlaten dorpje!

P6222289

P6222290

P6222293 Foto”s Roger

Het landschap werd nog meer rotsachtig en woest. Rond 18 uur reden we weer de verharde weg naar Ayerbe op en via de Hoya de Huesca reden we terug naar de camping.

IMG_1534 Foto Roger