De tekst van Roger die ik had nagelezen, was met de hand geschreven (blijkbaar is zijn eerste "worp" nog altijd handgeschreven, merk ik de laatste tijd op. Bij mij is het meer dan 20 jaar geleden dat ik nog eerst naar een pen greep met als gevolg dat mijn geschrift onleesbaar is geworden). Nu is hij die tekst aan het overtypen en daarna lees ik nog eens na.
Ondertussen heb ik een paar mails beantwoord en nu zit ik te kijken naar dit. Echt angstaanjagend, niet zozeer omwille van de aanwezigheid van het virus dan door een duidelijk gebrek aan vrijheid!
vrijdag 6 maart 2020
Rotweer
Het houdt maar niet op, dat rotweer en... uiteraard krijgt Roger te weinig beweging.
Vandaag, nadat hij het een en ander in zijn atelier had gedaan, besloten we toch te gaan wandelen tussen twee regenbuien. Eerst brachten we spullen naar het containerpark.
En daar... begon het helaas weer te regenen. Daarbij stond er weer die heel koude wind.
We besloten naar de Kringwinkel te rijden, liepen daar wat rond en gingen daarna vlees kopen voor het avondeten.
Na dat avondmaal las ik een tekst van Michel na, begon Roger zijn eigen tekst te schrijven, las ik die na, en belde ik daarna naar Nany. Een dik halfuur heeft ze verteld over haar bezigheden in het rusthuis, over het eten (waar ze blijkbaar wel van verdikt). Ondertussen liep ik, zoals steeds bij het telefoneren, rond met de hoorn aan mijn oor.
Dan nog een telefoontje van Wiemla. Weer heb ik bijna een halfuur rondgelopen. En... ik bedacht dat ik door het huishouden en dat telefoneren ondanks dat rotweer toch voldoende beweging krijg. Roger echter niet! Om te beginnen heeft hij met niemand gebeld... en als hij eens belt, gaat hij er altijd bij zitten.
Vandaag, nadat hij het een en ander in zijn atelier had gedaan, besloten we toch te gaan wandelen tussen twee regenbuien. Eerst brachten we spullen naar het containerpark.
En daar... begon het helaas weer te regenen. Daarbij stond er weer die heel koude wind.
We besloten naar de Kringwinkel te rijden, liepen daar wat rond en gingen daarna vlees kopen voor het avondeten.
Na dat avondmaal las ik een tekst van Michel na, begon Roger zijn eigen tekst te schrijven, las ik die na, en belde ik daarna naar Nany. Een dik halfuur heeft ze verteld over haar bezigheden in het rusthuis, over het eten (waar ze blijkbaar wel van verdikt). Ondertussen liep ik, zoals steeds bij het telefoneren, rond met de hoorn aan mijn oor.
Dan nog een telefoontje van Wiemla. Weer heb ik bijna een halfuur rondgelopen. En... ik bedacht dat ik door het huishouden en dat telefoneren ondanks dat rotweer toch voldoende beweging krijg. Roger echter niet! Om te beginnen heeft hij met niemand gebeld... en als hij eens belt, gaat hij er altijd bij zitten.
Labels:
familie,
heemkunde,
houtbewerking,
natuur,
uitstappen,
vrienden
woensdag 4 maart 2020
Schrijven
Tijdens de vergadering van deze middag zei Elie op een bepaald moment tegen mij: 'Zeg, jij mag ook teksten schrijven hé!' (hij bedoelde: 'je hoeft niet enkel teksten na te lezen')
Ik antwoordde spontaan: 'Nee, laat Michel en Roger dat maar doen, ik doe dat niet graag! Maar ik zal wel nalezen.'
Waarop Elie: 'Hoe, je doet dat niet graag?'
En ik, al lachend en verlegen zoals meestal: 'Jawel, uiteraard schrijf ik graag... maar niet over zulke zaken.'
Ik lees bijna alle teksten graag na. Maar bij oorlogsverhalen voel ik me er niet goed bij als ik te veel in de inhoud van de tekst opga en dus denk te voelen wat iemand anders lang geleden gevoeld heeft! Daarover schrijven kan ik ook niet zonder me heel slecht te voelen..
Ik ken ook te weinig termen die gebruikt worden in zulke oorlogsteksten en laat dus liever andere mensen - die er meer over weten - daarover schrijven (ik lees wel na, dat heb ik immers beloofd).
En nu vraag ik me ineens af of ik een verhaal of roman zou kunnen maken van het heel rare en opmerkelijke dat die tante en oom van Roger meemaakten, verhaal dat Jos Bouveroux (gedeeltelijk) opnam in zijn boek, en waarover vrij lang werd gesproken tijdens de vergadering deze middag.
Ik besloot dat ik dat inderdaad zou kunnen maar dat ik daar eigenaardig genoeg geen tijd meer voor heb (ik herhaal: ons leven is nu veel drukker dan toen onze kinderen "kindjes" waren). En dat het misschien nutteloos is geromantiseerde boeken te schrijven over echt gebeurde zaken in plaats van gewoon te noteren wat echt is gebeurd.
Wat we dus proberen te doen met de werkgroep WO I-II.
Ik antwoordde spontaan: 'Nee, laat Michel en Roger dat maar doen, ik doe dat niet graag! Maar ik zal wel nalezen.'
Waarop Elie: 'Hoe, je doet dat niet graag?'
En ik, al lachend en verlegen zoals meestal: 'Jawel, uiteraard schrijf ik graag... maar niet over zulke zaken.'
Ik lees bijna alle teksten graag na. Maar bij oorlogsverhalen voel ik me er niet goed bij als ik te veel in de inhoud van de tekst opga en dus denk te voelen wat iemand anders lang geleden gevoeld heeft! Daarover schrijven kan ik ook niet zonder me heel slecht te voelen..
Ik ken ook te weinig termen die gebruikt worden in zulke oorlogsteksten en laat dus liever andere mensen - die er meer over weten - daarover schrijven (ik lees wel na, dat heb ik immers beloofd).
En nu vraag ik me ineens af of ik een verhaal of roman zou kunnen maken van het heel rare en opmerkelijke dat die tante en oom van Roger meemaakten, verhaal dat Jos Bouveroux (gedeeltelijk) opnam in zijn boek, en waarover vrij lang werd gesproken tijdens de vergadering deze middag.
Ik besloot dat ik dat inderdaad zou kunnen maar dat ik daar eigenaardig genoeg geen tijd meer voor heb (ik herhaal: ons leven is nu veel drukker dan toen onze kinderen "kindjes" waren). En dat het misschien nutteloos is geromantiseerde boeken te schrijven over echt gebeurde zaken in plaats van gewoon te noteren wat echt is gebeurd.
Wat we dus proberen te doen met de werkgroep WO I-II.
Vergaderingen
Na de middag vergadering van de werkgroep WO I-II. Terwijl we op een nieuw lid én op een fotograaf wachtten, bekeken we een boeiende film over Oradour sur Glane. Twee jaar geleden zijn we daar langs gereden maar niet gestopt (wegens geen tijd maar vooral ook te druk, meen ik me te herinneren). Vandaag was de eerste keer dat ik die vreselijke gebeurtenissen zo gedetailleerd verteld zag.
Nadat het nieuwe lid was aangekomen en reporter Frank Missotten een foto had gemaakt voor het Belang van Limburg, overliepen we de gebruikelijke items, maakten we afspraken voor de collectedagen, en beloofde Michel me gauw nog een paar teksten op te sturen ter nalezing. Ook Roger moet nog een tekst schrijven, onder andere over belevenissen van een oom en tante van hem aan het einde van de oorlog. We weten dat hij gegevens kan terugvinden in het boek van Jos Bouveroux, "Terreur in oorlogstijd", boek dat praktisch elk lid van de werkgroep in zijn bezit bleek te hebben. Ik was even bang dat we ons exemplaar niet meteen zouden terugvinden maar het stond nog steeds op zijn gewone plaats.
Na ons avondmaal heeft Roger de broodmachine in gang gezet (en ik nog eens een wasmachine) en is hij daarna vertrokken naar een bestuursvergadering van Heemkunde.
Ik heb de was te drogen gehangen, afgewassen en nog een paar bladzijden uit mijn jeugddagboeken overgetypt. Het is nu bijna 22 uur: ik verwacht Roger op elk moment terug.
Nadat het nieuwe lid was aangekomen en reporter Frank Missotten een foto had gemaakt voor het Belang van Limburg, overliepen we de gebruikelijke items, maakten we afspraken voor de collectedagen, en beloofde Michel me gauw nog een paar teksten op te sturen ter nalezing. Ook Roger moet nog een tekst schrijven, onder andere over belevenissen van een oom en tante van hem aan het einde van de oorlog. We weten dat hij gegevens kan terugvinden in het boek van Jos Bouveroux, "Terreur in oorlogstijd", boek dat praktisch elk lid van de werkgroep in zijn bezit bleek te hebben. Ik was even bang dat we ons exemplaar niet meteen zouden terugvinden maar het stond nog steeds op zijn gewone plaats.
Na ons avondmaal heeft Roger de broodmachine in gang gezet (en ik nog eens een wasmachine) en is hij daarna vertrokken naar een bestuursvergadering van Heemkunde.
Ik heb de was te drogen gehangen, afgewassen en nog een paar bladzijden uit mijn jeugddagboeken overgetypt. Het is nu bijna 22 uur: ik verwacht Roger op elk moment terug.
dinsdag 3 maart 2020
Spaanse griep
Ik heb deze avond eindelijk Nany kunnen bereiken (via haar gsm): bleek dat het nummer van haar vast toestel is gewijzigd en dat ze was vergeten me daarvan op de hoogte te brengen.
De aannemer kwam deze avond ook langs. We weten dus eindelijk hoeveel het zal kosten om onze daken te repareren. Weer veel geld! Gelukkig zijn we verzekerd... maar er is natuurlijk ook die franchise!
Die twee zaken zijn dus opgelost.
Toen ik onlangs Jean-Jacques Crèvecoeur hoorde vertellen dat een heel dodelijke virus niet heel besmettelijk is en een heel besmettelijke virus niet heel dodelijk, dacht ik uiteraard meteen aan de "Spaanse" griep die tientallen miljoenen mensen de dood zou ingestuurd hebben in de winter van 1918-19. Met Roger sprak ik daar geregeld over. Zou Crèvecoeur zich vergissen, of zouden al die mensen zijn gestorven aan een gevolg van de griep?
Vandaag keek Roger zoals gewoonlijk naar Scott Adams. En ineens zegt hij (Roger dus) tegen mij: 'Volgens Scott Adams zijn de meeste stergevallen in 1918-19 te wijten aan een secundaire bacteriële longontsteking, en niet aan die griep.'
Nadat de aannemer deze avond was vertrokken, ging ik zelf naar het privé kanaal van Crèvecoeur... en wat hoor ik hem daar meteen zeggen? Precies hetzelfde als Scott Adams! Ik ga nu verder kijken naar zijn uitleg daarover. Jammer genoeg kan ik (denk ik toch) geen link toevoegen, want het kanaal is privé.
Ik probeer het even hier: https://formations.emergences.net/products/chaine-privee-gratuite-de-jjc/categories/2266325/posts/7574990, maar ik weet niet of je er binnen geraakt.
De aannemer kwam deze avond ook langs. We weten dus eindelijk hoeveel het zal kosten om onze daken te repareren. Weer veel geld! Gelukkig zijn we verzekerd... maar er is natuurlijk ook die franchise!
Die twee zaken zijn dus opgelost.
Toen ik onlangs Jean-Jacques Crèvecoeur hoorde vertellen dat een heel dodelijke virus niet heel besmettelijk is en een heel besmettelijke virus niet heel dodelijk, dacht ik uiteraard meteen aan de "Spaanse" griep die tientallen miljoenen mensen de dood zou ingestuurd hebben in de winter van 1918-19. Met Roger sprak ik daar geregeld over. Zou Crèvecoeur zich vergissen, of zouden al die mensen zijn gestorven aan een gevolg van de griep?
Vandaag keek Roger zoals gewoonlijk naar Scott Adams. En ineens zegt hij (Roger dus) tegen mij: 'Volgens Scott Adams zijn de meeste stergevallen in 1918-19 te wijten aan een secundaire bacteriële longontsteking, en niet aan die griep.'
Nadat de aannemer deze avond was vertrokken, ging ik zelf naar het privé kanaal van Crèvecoeur... en wat hoor ik hem daar meteen zeggen? Precies hetzelfde als Scott Adams! Ik ga nu verder kijken naar zijn uitleg daarover. Jammer genoeg kan ik (denk ik toch) geen link toevoegen, want het kanaal is privé.
Ik probeer het even hier: https://formations.emergences.net/products/chaine-privee-gratuite-de-jjc/categories/2266325/posts/7574990, maar ik weet niet of je er binnen geraakt.
Labels:
Architectuur,
familie,
Geneeskunde,
Informatica,
Maatschappij,
natuur,
Vroeger
maandag 2 maart 2020
Elk excuus is welkom!
Weer regen vandaag.
Ik nam onder handen, samen met Roger: de badkamer, de gang op de verdieping, de trap en de hal beneden.
Natuurlijk had ik daarna weer rugpijn.
Dus heb ik nog enkele bladzijden uit mijn vroegere dagboeken overgetypt, wat gelezen en gekeken naar een nieuwe video van Jean-Jacques Crèvecoeur. Over hoe (en waarom?) ze ons bang maken voor dat Coronavirus. Eigenlijk had ik op dat moment gewild dat Elena hier was zodat ik haar kon geruststellen (door voor haar te vertalen wat ik hoorde).
Daarna was mijn rugpijn over en dacht ik aan de salon te beginnen. Maar... toen kreeg ik een mail van heemkundelid Georges V. Of ik een tekst die hij had uit het Frans laten vertalen door DeepL en die hij op zijn website zou plaatsen, wilde nalezen.
Daar begon ik meteen aan (de salon verschuift dus naar een andere dag).
Ik heb er lang aan gewerkt (niet dat de vertaling van DeepL slecht was maar het betrof oude teksten, vaak in oud Frans - dat ik soms zelf niet begreep - en als ik steeds herhaal dat die vertaaltools zo goed zijn, betekent dat niet dat je niet meer hoeft na te lezen!) Daarbij, het waren 10 A4-bladzijden.
Die job is ondertussen klaar (ik zeg "job" maar uiteraard word ik daar niet voor betaald)... maar ik moet wel mijn schoonmaakschema herzien.
Nee, Georges, voel je niet schuldig: elk (interessant) excuus is bij mij welkom om niet verder te hoeven schoonmaken!
O ja, er bloeien narcissen aan de rand van de tuin!
Ik nam onder handen, samen met Roger: de badkamer, de gang op de verdieping, de trap en de hal beneden.
Natuurlijk had ik daarna weer rugpijn.
Dus heb ik nog enkele bladzijden uit mijn vroegere dagboeken overgetypt, wat gelezen en gekeken naar een nieuwe video van Jean-Jacques Crèvecoeur. Over hoe (en waarom?) ze ons bang maken voor dat Coronavirus. Eigenlijk had ik op dat moment gewild dat Elena hier was zodat ik haar kon geruststellen (door voor haar te vertalen wat ik hoorde).
Daarna was mijn rugpijn over en dacht ik aan de salon te beginnen. Maar... toen kreeg ik een mail van heemkundelid Georges V. Of ik een tekst die hij had uit het Frans laten vertalen door DeepL en die hij op zijn website zou plaatsen, wilde nalezen.
Daar begon ik meteen aan (de salon verschuift dus naar een andere dag).
Ik heb er lang aan gewerkt (niet dat de vertaling van DeepL slecht was maar het betrof oude teksten, vaak in oud Frans - dat ik soms zelf niet begreep - en als ik steeds herhaal dat die vertaaltools zo goed zijn, betekent dat niet dat je niet meer hoeft na te lezen!) Daarbij, het waren 10 A4-bladzijden.
Die job is ondertussen klaar (ik zeg "job" maar uiteraard word ik daar niet voor betaald)... maar ik moet wel mijn schoonmaakschema herzien.
Nee, Georges, voel je niet schuldig: elk (interessant) excuus is bij mij welkom om niet verder te hoeven schoonmaken!
O ja, er bloeien narcissen aan de rand van de tuin!
Labels:
Eigen schrijfsels,
Elena,
Geneeskunde,
heemkunde,
Huishouden,
Informatica,
lectuur,
Maatschappij,
natuur,
Taal,
vertalingen,
Vroeger
zondag 1 maart 2020
Telefoon- en internetstoringen
Roger had vandaag gebeld naar zijn broer, naar een van zijn zussen, en daarna wilde ik naar Nany bellen.
De telefoon deed het niet meer.
En ineens was de verbinding met het internet ook verbroken.
Dat gebeurt wel meer de laatste dagen, dus wachtten we een poosje voor ik naar Telenet belde met de gsm. Ze bevestigden me dat er over heel Heers een probleem was.
Ik liet de wasmachine nog eens draaien, las wat op papier, typte nog enkele bladzijden over uit mijn vroegere dagboeken en zorgde uiteindelijk voor het avondeten (pompoensoep, roodbaars en prinsesboontjes met mayonaise - misschien een rare combinatie maar heel lekker). Geen wandeling, want weer praktisch de hele dag regen.
En dan was de verbinding met het internet ineens hersteld. Ik zorgde even voor de jongste monografie van de KVLS (nadat ik een mail had gevonden van Jan Gerits over enkele zaken die nog moesten aangepast worden in de tekst), beantwoordde een paar mails, probeerde naar mijn moeder Nany te bellen... maar de telefoon werkte nog steeds niet (op dit moment trouwens ook niet).
Ik stuurde Nany een berichtje dat ik haar niet kon bereiken per telefoon maar kreeg daar nog geen antwoord op.
En ineens besefte ik hoe gemakkelijk we het tegenwoordig meestal hebben... maar ook hoe druk ons leven daardoor is geworden!
Voor we naar Congo vertrokken, hadden mijn ouders geen telefoon. Ik weet niet hoe ze toen afspraken met vrienden en kennissen.
In Congo hadden we ook geen telefoon. De heel dringende boodschappen ontving mijn vader via telefoon op zijn werk... en, herinner ik me plotseling, zelfs de gewone correspondentie kwam via dat kantoor aan. Mijn moeder en ik vernamen de nieuwtjes uit België (die er ongeveer 14 dagen over deden om tot bij ons te geraken) pas na de thuiskomst van vader.
Later, in België, hadden we nog jaren lang geen telefoon en in mijn studententijd bestonden er nog geen gsm's! Ik weet echt niet meer hoe, anders dan via klassieke brieven, we contact met mensen ver weg onderhielden. Ik weet (herinneringen en uit mijn dagboeken) dat ikzelf heel veel brieven schreef. Maar wat met mensen die niet graag schreven of gewoon niet konden schrijven (want die waren er nog toen)? Geen idee! Wat ik wel weet, is dat mensen zoals Nany, zodra ze vlot overal konden telefoneren, heel snel de vroeger aangeleerde gewoonte brieven te schrijven, afleerden.
Ik trouwde met Roger, we kregen kinderen, maar ook wij hebben een hele tijd geen telefoon gehad. Er waren toen wel telefooncellen op bijna alle straathoeken en ik herinner me dat ik daar bijvoorbeeld soms gebruik van maakte om een dokter te bellen voor een ziek kind.
De eerste jaren dat we onze weekends hier in Haspengouw doorbrachten, bestonden er ook nog geen mobieltjes. En een vaste telefoon hadden we hier ook niet (wel al in Antwerpen). Ik herinner me dat ik mocht gebruik maken van de vaste telefoon van buurvrouw Marie-Claire voor dringende (ook voor minder dringende!) oproepen... en dat als bijvoorbeeld Hendrik ons later dan op vrijdagavond zou vervoegen, we soms tevergeefs op een bepaald uur zaterdagavond in het station van Hasselt stonden en geduldig wachtten tot de volgende trein uit Antwerpen zou aankomen.
Op het eerste gezicht verloren we toen veel tijd... maar nu worden we constant verplicht te antwoorden op zoveel sollicitaties dat ik het gevoel heb dat ik mijn tijd op een heel andere manier verlies.
Dat bedacht ik allemaal en ik besloot me dus geen zorgen te maken over het feit dat Nany niet zoals gewoonlijk meteen antwoordt op mijn sms. Wellicht had ze andere, veel interessantere bezigheden!
O ja, deze avond, vermits we opnieuw internet hadden, gekeken naar nog een aflevering van die "enquête". De film heet "A Confession", mysterieuze correspondent!
De telefoon deed het niet meer.
En ineens was de verbinding met het internet ook verbroken.
Dat gebeurt wel meer de laatste dagen, dus wachtten we een poosje voor ik naar Telenet belde met de gsm. Ze bevestigden me dat er over heel Heers een probleem was.
Ik liet de wasmachine nog eens draaien, las wat op papier, typte nog enkele bladzijden over uit mijn vroegere dagboeken en zorgde uiteindelijk voor het avondeten (pompoensoep, roodbaars en prinsesboontjes met mayonaise - misschien een rare combinatie maar heel lekker). Geen wandeling, want weer praktisch de hele dag regen.
En dan was de verbinding met het internet ineens hersteld. Ik zorgde even voor de jongste monografie van de KVLS (nadat ik een mail had gevonden van Jan Gerits over enkele zaken die nog moesten aangepast worden in de tekst), beantwoordde een paar mails, probeerde naar mijn moeder Nany te bellen... maar de telefoon werkte nog steeds niet (op dit moment trouwens ook niet).
Ik stuurde Nany een berichtje dat ik haar niet kon bereiken per telefoon maar kreeg daar nog geen antwoord op.
En ineens besefte ik hoe gemakkelijk we het tegenwoordig meestal hebben... maar ook hoe druk ons leven daardoor is geworden!
Voor we naar Congo vertrokken, hadden mijn ouders geen telefoon. Ik weet niet hoe ze toen afspraken met vrienden en kennissen.
In Congo hadden we ook geen telefoon. De heel dringende boodschappen ontving mijn vader via telefoon op zijn werk... en, herinner ik me plotseling, zelfs de gewone correspondentie kwam via dat kantoor aan. Mijn moeder en ik vernamen de nieuwtjes uit België (die er ongeveer 14 dagen over deden om tot bij ons te geraken) pas na de thuiskomst van vader.
Later, in België, hadden we nog jaren lang geen telefoon en in mijn studententijd bestonden er nog geen gsm's! Ik weet echt niet meer hoe, anders dan via klassieke brieven, we contact met mensen ver weg onderhielden. Ik weet (herinneringen en uit mijn dagboeken) dat ikzelf heel veel brieven schreef. Maar wat met mensen die niet graag schreven of gewoon niet konden schrijven (want die waren er nog toen)? Geen idee! Wat ik wel weet, is dat mensen zoals Nany, zodra ze vlot overal konden telefoneren, heel snel de vroeger aangeleerde gewoonte brieven te schrijven, afleerden.
Ik trouwde met Roger, we kregen kinderen, maar ook wij hebben een hele tijd geen telefoon gehad. Er waren toen wel telefooncellen op bijna alle straathoeken en ik herinner me dat ik daar bijvoorbeeld soms gebruik van maakte om een dokter te bellen voor een ziek kind.
De eerste jaren dat we onze weekends hier in Haspengouw doorbrachten, bestonden er ook nog geen mobieltjes. En een vaste telefoon hadden we hier ook niet (wel al in Antwerpen). Ik herinner me dat ik mocht gebruik maken van de vaste telefoon van buurvrouw Marie-Claire voor dringende (ook voor minder dringende!) oproepen... en dat als bijvoorbeeld Hendrik ons later dan op vrijdagavond zou vervoegen, we soms tevergeefs op een bepaald uur zaterdagavond in het station van Hasselt stonden en geduldig wachtten tot de volgende trein uit Antwerpen zou aankomen.
Op het eerste gezicht verloren we toen veel tijd... maar nu worden we constant verplicht te antwoorden op zoveel sollicitaties dat ik het gevoel heb dat ik mijn tijd op een heel andere manier verlies.
Dat bedacht ik allemaal en ik besloot me dus geen zorgen te maken over het feit dat Nany niet zoals gewoonlijk meteen antwoordt op mijn sms. Wellicht had ze andere, veel interessantere bezigheden!
O ja, deze avond, vermits we opnieuw internet hadden, gekeken naar nog een aflevering van die "enquête". De film heet "A Confession", mysterieuze correspondent!
Labels:
Eigen schrijfsels,
familie,
Film,
Geneeskunde,
Haspengouw,
Huishouden,
Informatica,
Jan Gerits,
KVLS,
lectuur,
Limburgse monografieën,
natuur,
recepten,
vrienden,
Vroeger
Abonneren op:
Posts (Atom)