zondag 30 april 2017

Nog eens over taal en dialecten

Nog even een opmerking over Nederlands voor het slapengaan.
Gisteren, tijdens de toneelopvoering, heb ik me meermaals geërgerd aan de uitspraak (acteur-uitspraak dus hé vrienden die dit slechts diagonaal lezen: het is niet "echt"!): 'Daar kun je een vrouw mee slagen' terwijl er duidelijk bedoeld werd: 'Daar kun je een vrouw mee slaan'.
Ik weet dat (vooral in het Leuvense, denk ik) de werkwoorden "slaan" en "slagen" worden verward maar ik vind dat een toneelgezelschap zulke fouten niet zou mogen maken (tenzij ze dialecten willen nabootsen, wat gisteren inderdaad het geval was, al werden in bedoelde zin duidelijk niet met opzet de twee werkwoorden door elkaar gehaald).

Hetzelfde valt me bij Brabanders ook vaak op met het werkwoord "zetten". Verleden tijd daarvan is: "ik zette" en niet "ik zat", wat de verleden tijd is van "zitten".
En "noemen" versus "heten" is nog een apart hoofdstuk op dat gebied! Zelf zei ik, tegen het einde van mijn Nederlands leerproces ook constant: 'Hij noemt X of Y'. Tot ik van Roger leerde dat ik verkeerd bezig was. Het is immers: 'jij heet (en dus niet 'jij noemt') Roger' maar wel: 'jouw moeder noemde je Roger'.
Ook die fout - die veel van onze vrienden ook maken - hoorden we gisteren vaak.

Jammer, vind ik dat. Ik herhaal het: ik heb Nederlands geleerd door te lezen en te luisteren en telkens als ik iets verkeerd leer op die manier voel ik me bedrogen.

Gisterenavond en vandaag praatten Nononc, Françoise en wij, naar aanleiding van de toneelopvoering van gisteren, nog een poosje over dialecten. En ik moet Françoise (die oorspronkelijk ook Franstalig was) gelijk geven: zolang Vlamingen hun dialecten koesteren, zullen ze geen respect krijgen voor hun taal!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen