Op de laatste foto’s een boerderijtje waarvan we het verval bijna jaar na jaar volgen. Ik weet dat ik daar ooit nog foto’s van gepubliceerd heb maar ik vind ze niet terug. Maar kom, gisteren maakte Roger er dus weer enkele foto’s van.
Op de laatste foto’s een boerderijtje waarvan we het verval bijna jaar na jaar volgen. Ik weet dat ik daar ooit nog foto’s van gepubliceerd heb maar ik vind ze niet terug. Maar kom, gisteren maakte Roger er dus weer enkele foto’s van.
Deze avond, na een vrij drukke dag en toch een mooie herfstwandeling in Mechelen-Bovelingen (foto’s volgen later), was het bestuursvergadering van de KVLS. Boudewijn kwam mij afhalen en vertelde onderweg naar Diepenbeek (en later op weg naar huis) over al zijn literaire en andere plannen.
We hebben er een nieuw bestuurslid bij: Luis (die heel goed schrijft volgens mij). Alleen was het weer niet duidelijk of onze voorzitter Edith hem had verteld dat ik al een paar jaar geleden mijn ontslag heb ingediend als penningmeester. Maar kom, ik zal hem daar dan maar langzaamaan op voorbereiden!
Toen ik thuiskwam en het verslag (waar ik ter plaatse had voor gezorgd op onze minicomputer) naar mijn PC wilde overbrengen, stokte mijn pc weer: problemen!
Hendrik heeft me nog eens (via telefoon) geholpen: het verslag is opgestuurd naar onze voorzitster, en ik geraak weer online na meer dan 2 uur proberen.
We zijn terug thuis na een dagje babysitten (wat verklaart dat ik jullie mails nog niet heb beantwoord, vrienden: dat doe ik later. Maar wees gerustgesteld: we hebben geen enkele last gehad van de storm deze nacht).
Op de speelplaats wachtten we in de regen op Elena die al lachend in mijn armen sprong toen ze ons zag staan. Samen reden we naar Lutti en onderweg vertelde ons meisje fier dat ze binnenkort naar een verjaardagsfeestje mag. Ze zei me ook nog eens dat ik een heel oude oma ben, maar wel een heel lieve! Dat wisten jullie niet, hé?
Bij Lutti kwam Matthias meteen naar ons toegelopen, we moesten nog even al het speelgoed bewonderen (hij zei duidelijk “pop” terwijl hij mij een pop aanwees) en dan reden we naar huis.
Waar we een poosje heel wild speelden: Elena had “zich verkleed in een wolf” (eigenlijk was het een tijgerpakje, maar we “zegden dat ze een wolf was, ik Roodkapje en opa Paarskapje”).
Na het eten was ze ineens zo moe dat ze naar bed wilde, na mijn belofte dat we na haar dutje een gezelschapspelletje zouden spelen.
Matthias bleef nog een poosje op om te “lezen” en te spelen.
Toen Elena wakker werd, sliep Matthias nog, dus speelden alleen opa, zij en ik samen een gezelschapsspel.
Zodra hij wakker werd, speelde Matthias mee (dat wil zeggen: ik moest hem wijzen wat hij moest doen en hem helpen, maar hij leek het heel prettig te vinden). Ondertussen aten de kindjes wat fruit.
Toen was het tijd om te beginnen koken en ondertussen speelden de kindjes en opa met de Legoblokjes.
Een doodgewone dag dus maar wel heel prettig… En vermoeiend!
Nu lijkt de herfst echt aangebroken: heel de dag heeft het fel gewaaid en geregend (de echte storm moeten we pas deze nacht verwachten, hoorde ik op de radio; al zegt Roger dat we er volgens de buienradar zullen aan ontsnappen). Dus bleven we binnen. We lazen, praatten een beetje (Roger en ik zijn geen echte praters) en ik wisselde enkele mails, met Jan Gerits over verslagen en een “in memoriam” die hij aan het opstellen is voor de KVLS, met onze vriendin uit Ronse over een afspraak voor volgende lente. Ik wilde eerst ook de keuken onder handen nemen maar op dat moment kwam er een vertaling binnen, dus begon ik daar maar aan (dat doe ik immers veel liever!).
Ondertussen zorgde Roger voor een soepje en zette hij een paar aardappelen te koken op. Nadat we soep hadden gegeten, bereidde ik een eendenborst die we aten met veenbessen, de door Roger klaargemaakte aardappelen en een assortiment boschampignons. Heel lekker vond ik dat; Roger echter zei dat hij al even graag worteltjes met erwtjes bij een varkensgebraad eet!
Na het avondeten en mijn “op papier lectuuruurtje met een blokje bittere chocolade” (en de lectuur van andere teksten, online, waar Roger mij naar verwees), werkte ik voort aan die vertaling en dat ging ongelooflijk vlot!
Ondertussen begon Roger weer kweeperen in stukken te snijden: heel het huis begon te geuren… En ik was blij dat ik de keuken niet had schoongemaakt!
Ik dacht terug aan mijn vader die de lekkerste Limburgse taarten kon bakken. Terwijl wij er daarna van snoepten, vond mijn moeder wel een keuken die was omgetoverd in een slagveld!
Ik heb geproefd van de jongste kweeperengelei van Roger en die is heel lekker, ondanks het feit dat hij dit jaar stevia heeft gebruikt in de plaats van het beetje suiker dat hij er vorige jaren aan toevoegde (dus gezonder dan die taarten van mijn vader zaliger).
Maar onze keuken lijkt wel op de keuken die ik mij herinner nadat mijn vader taarten had gebakken!
En, aan het einde van deze mooie dag, liet Roger me nog dit lezen: ongeveer hetzelfde (maar beter verwoord) als wat ik altijd beweer over “taalkennis”.
Dat klopt, wat ik daar, onder andere, las: veel Franstaligen die enkele tientallen woorden Nederlands spreken, denken al gauw dat ze onze taal kennen! En dat beweren ze voor alle talen waarvan ze nog geen 500 woorden kennen!
Ik, net als auteur van dat stukje, denk dat het kennen van de taal, die je gebruikt met je buren, heel belangrijk is.
Alleen, en dat vertelde ik Roger nadat ik die tekst had gelezen, vind ik het raar van mezelf dat ik zoveel belang hecht aan een eigen taal voor elk volk en toch een beetje negatief sta tegenover het gebruik van dialect (en dus niet tegenover dialect op zich hé!).
Na onze boodschappen en een deugddoend telefoontje van onze vriendin uit Ronse maakten we onze dagelijkse wandeling in Gelinden.
‘Hier valt niet veel te beleven’, zei Roger op een zeker ogenblik. ‘Ha nee?’ opperde ik terwijl ik met volle teugen genoot van de stilte, die enkel onderbroken werd door dierengeluiden (vogels, koeien, een paard en ergens in de verte een ezel en een schaap), van het bijna overal aanwezige fruitparfum, van de mooie luchten en herfstkleuren. Het was niet meer zo warm als tijdens het weekend, maar nog helemaal niet koud en de wind woei zelfs minder hard dan gisteren. Roger leek ineens al die schoonheid ook op te merken, want zijn oogst aan foto’s bleek na de wandeling aanzienlijk. Ik serveer er hier enkele:
En dan, deze avond, na onze eenvoudige maaltijd, maakte Roger kweeperengelei: nu was het onze keuken die heerlijk geurde!
Nadat ik nog een paar mails had beantwoord, genoot ik van een aflevering van Star Trek: het werd een hele mooie dag!
Ik las nog dit deze avond. Niet te geloven!
Natuurlijk kan ik morgen niet in Parijs mee gaan betogen, maar in gedachten ben ik er wel bij!
Waar gaat dat naartoe?